Adviezen

RvA no. RA/02-20-LB

Uitgebracht op : 18/02/2020
Publicatie datum: 02/03/2020

Ontwerplandsbesluit, houdende algemene maatregelen, strekkende, tot het tijdelijk van toepassing verklaren van de bepalingen van de Verordening van de 9de juni 1921, houdende de bepalingen ter bestrijding van besmettelijke ziekten, op het nieuwe Coronavirus Wuhan, (2019-n Coronavirus) of een variant van dit humaan Coronavirus (Landsbesluit aanwijzing 2019-n Coronavirus als besmettelijke ziekte) (zaaknummer 2020/04575)

Advies:  Met verwijzing naar uw spoedadviesverzoek d.d. 4 februari 2020 om het oordeel van de Raad van Advies inzake bovengenoemd onderwerp en naar aanleiding van de behandeling hiervan op 17 februari 2020, bericht de Raad u als volgt.                    

  1. Algemeen
  1. Uitbreiding van de opsomming van de besmettelijke ziekten in en modernisering van de landsverordening

In artikel 4 van de Verordening van de 9de juni 1921, houdende bepalingen ter bestrijding van besmettelijke ziekten (hierna: de landsverordening) worden de besmettelijke ziekten limitatief opgesomd waarop de landsverordening van toepassing is. De landsverordening biedt in bovengenoemd artikel de mogelijkheid om bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, tijdelijk de landsverordening geheel of gedeeltelijk van toepassing te verklaren op andere besmettelijke ziekten. In het onderhavige ontwerplandsbesluit, houdende algemene maatregelen, (hierna: ontwerp) wordt gebruik gemaakt van deze mogelijkheid om de landsverordening tijdelijk van toepassing te verklaren op de besmettelijke ziekte 2019-n coronavirus Wuhan of een variant van dit humaan coronavirus.  De Raad heeft in het kader van de bescherming van de volksgezondheid de regering in zijn advies d.d. 22 mei 2018, kenmerk RvA no. RA/21-18-LB, geadviseerd om na te gaan met welke besmettelijke ziekten - te denken valt aan SARS en Ebola maar ook aan Zika, Dengue en Chikungunya - de opsomming van besmettelijke ziekten in artikel 4 van de landsverordening zou kunnen worden uitgebreid en om de landsverordening waar nodig te moderniseren. Dit omdat de Raad de mening is toegedaan dat de landsverordening dusdanig verouderd is dat deze, naar huidige maatstaven van wetstechniek, van rechtmatigheid en van beleidsanalyse, in grote mate niet meer aan de bescherming van de volksgezondheid voldoet. Bovendien kan daarmee de mogelijkheid worden opgenomen dat in acute gevallen bij ministeriële regeling met algemene werking voor een korte periode nieuwe besmettelijke ziekten kunnen worden toegevoegd aan de in de landsverordening opgesomde besmettelijke ziekten. Dit in verband met het feit dat met de procedure voor de vaststelling van een landsbesluit, houdende algemene maatregelen, enige tijd gemoeid is en het in het kader van de bescherming van de volksgezondheid het noodzakelijk is dat snel maatregelen, die een wettelijke grondslag moeten hebben, genomen kunnen worden. De Raad heeft nog geen ontwerplandsverordening die daartoe strekt ter advisering mogen ontvangen.

Om deze reden beveelt de Raad de regering nogmaals aan na te gaan met welke besmettelijke ziekten de opsomming van besmettelijke ziekten in artikel 4 van de landsverordening zou moeten worden uitgebreid en om de landsverordening in zijn geheel te moderniseren. De Raad adviseert tevens om bij de modernisering van de landsverordening tevens de quarantaine-verordening in acht te nemen en eventueel beide landsverordeningen in één nieuwe landsverordening samen te voegen.

 2.  De financiële gevolgen voor het Land

In het onderdeel “Financiële gevolgen” van de nota van toelichting staat dat dit landsbesluit geen financiële gevolgen heeft voor het Land. De Raad maakt echter uit het advies van 2 februari 2020 van de Sectordirecteur Financieel Beleid en Begrotingsbeheer van het Ministerie van Financiën op dat het onderhavige landsbesluit wel degelijk kosten met zich mee zal brengen voor het Land. Uit voornoemd onderdeel van de nota van toelichting kan worden opgemaakt dat indien een verhoogde inzet van mens of materieel nodig is, de hiermee gemoeide kosten binnen de bestaande middelen van de begroting van het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur zullen worden opgevangen. Hieruit kan geconcludeerd worden dat eventuele financiële gevolgen voor het Land budgetneutraal opgevangen zullen worden.

De Raad adviseert de regering het onderdeel “Financiële gevolgen” van de nota van toelichting met inachtneming van het bovenstaande aan te passen. 

II.   Opmerkingen van wetstechnische en redactionele aard

Opmerkingen van wetstechnische en redactionele aard zijn in een bijlage bij dit advies opgenomen en worden geacht hiervan integraal onderdeel uit te maken.

Concluderend geeft de Raad van Advies de regering in overweging conform de in het ontwerplandsbesluit, houdende algemene maatregelen, opgenomen voorstellen te besluiten, nadat met het vorenstaande rekening is gehouden.

Willemstad, 18 februari 2020

de Ondervoorzitter,                                                     de Secretaris,

____________________                                             _____________________

mevr. mr. L. M. Dindial                                                mevr. mr. C. M. Raphaëla

 

Bijlage behorende bij het advies van de Raad van Advies, RvA no. RA/02-20-LB

Zowel het ontwerp als de nota van toelichting heeft wetstechnische en redactionele onvolkomenheden. De Raad noemt de volgende voorbeelden.

1.  Algemeen

Ingevolge het voorgestelde artikel 1 wordt de Verordening van de 9de juni 1921, houdende bepalingen ter bestrijding van besmettelijke ziekten in zijn geheel tijdelijk van toepassing  verklaard op de novel coronavirus (2019- nCoV). In verband daarmee wordt voorgesteld in het opschrift van het ontwerp en de nota van toelichting na “verklaren” “van de bepalingen” te schrappen.

De besmettelijke ziekte waar het hier omgaat wordt zowel in het ontwerp als in de nota van toelichting steeds verschillend aangeduid. Zo wordt het in het opschrift aangeduid als “Coronavirus Wuhan, (2019-n Coronavirus) en in het voorgestelde artikel 1 als “2019-n Coronavirus Wuhan”.  Ook wordt het soms aangeduid als “2019-n Coronavirus” en  soms als “2019- nCoronavirus” zonder aanduiding van de plaats waar de uitbraak van deze ziekte is begonnen.

Voorgesteld wordt consistent te zijn bij de aanduiding van de betreffende besmettelijke ziekte en aansluiting te zoeken bij door de Wereldgezondheidsorganisatie meest recent gehanteerde benaming daarvan.

 2.  Het ontwerp

Voorgesteld wordt in het opschrift van het ontwerp “AGEMENE” te vervangen door “ALGEMENE”.

Overeenkomstig aanwijzing 144 van de Aanwijzingen voor de regelgeving wordt de tijdelijkheid van een regeling in het opschrift en de citeertitel tot uitdrukking gebracht. Voorgesteld wordt genoemde aanwijzing te volgen en de tijdelijkheid van deze regeling zowel in het opschrift als in de citeertitel tot uitdrukking te brengen. 

Voorgesteld wordt in de laatste overweging van de considerans,  “Wereldgezondheidsorganisatie” te vervangen door de afkorting WHO, aangezien in de tweede overweging genoemde organisatie reeds is afgekort als WHO.  Ook wordt voorgesteld na “International Health Regulations” de afkorting “(IHR)” in te voegen. 

Ook wordt voorgesteld artikel 2 met inachtneming aan aanwijzing 140, tweede lid, onderdeel B, van de Aanwijzingen voor de regelgeving aan te passen.

3.  De nota van toelichting

Pagina 3

Voorgesteld wordt in de derde aandachtsstreep onder “Algemeen” bij het eerste gebruik van de afkorting “WHO” uit te schrijven waar deze afkorting voor staat.

Pagina 4

Voorgesteld wordt het opschrift “Financiële gevolgen” te vervangen door “Financiële gevolgen voor het Land”.

Voorgesteld wordt in de voorlaatste volzin na “het Ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur” het woord “budgetneutraal” in te voegen.